De tests brachten onder Linux in kaart hoe de architectuur omgaat met zware rekenbelasting en stroomverbruik wanneer er wordt opgeschaald van één naar twee sockets. Bij moderne serverchips is de onderlinge communicatie tussen processors cruciaal. Als data te traag tussen de twee eenheden wordt uitgewisseld, ontstaat er een knelpunt en gaat er veel kostbare rekenkracht verloren.
In de praktijk blijkt de schaalbaarheid tussen twee Vera-processors echter soepel te verlopen. Dat is vooral merkbaar bij zware workloads zoals data-analyse, simulaties en kunstmatige intelligentie, waar taken over tientallen rekenkernen tegelijk worden verdeeld. Beheerders van serversystemen zien daardoor een evenredige toename in verwerkingssnelheid zonder dat de efficiëntie per chip drastisch inzakt.
Hoewel deze specialistische processors niet in de pc van een thuisgebruiker belanden, laten de metingen zien dat Nvidia steeds steviger voet aan de grond krijgt op de processormarkt. De concurrentie in datacenters draait al lang niet meer alleen om losse chips, maar vooral om de vraag hoe goed systemen kunnen samenwerken zodra de rekenkracht wordt verdubbeld.
